|
Belastingvoordeel voor gehandicapten en chronisch zieken
Geld terug!
Voor duizenden mensen met een handicap of chronische ziekte is de belastingaanslag elk jaar weer goed nieuws. Ze krijgen honderden guldens terug van de Belastingdienst, vanwege de aftrek van 'buitengewone lasten wegen invaliditeit of ziekte'. Lees de informatie op deze speciale belastingpagina's en ontdek of u ook in aanmerking komt voor deze aftrek.
Aftrekken van buitengewone lasten is overigens niet alleen handig omdat u direct geld terug krijgt. Uw belastbaar inkomen gaat er ook door omlaag. Daardoor kunt u bijvoorbeeld meer huursubsidie krijgen, betaalt u lagere eigen bijdragen voor thuiszorg en woningaanpassingen, en kunt u mogelijk profiteren van allerlei inkomensafhankelijke regelingen, zoals vrijstelling van gemeentelijke belastingen.
De drempel
Niet al uw buitengewone lasten zijn aftrekbaar. U moet eerst een zogenoemde 'drempel' halen. Die drempel is afhankelijk van uw inkomen en van uw persoonlijke omstandigheden. Alleen als u meer kosten heeft dan de drempel, mag u die meerkosten aftrekken. De drempel bedraagt 12,2% van uw zogenoemde 'onzuivere inkomen'. Dat is uw bruto inkomen min beroepskosten en min de aftrek van kosten in verband met de eigen woning. Er gelden bovendien boven- en benedengrenzen voor mensen met een laag of juist een hoog inkomen.
Voor het belastingjaar 2001 is de drempel verlaagd tot 11,2% van het onzuivere inkomen. Daardoor komen volgend jaar veel meer mensen in aanmerking voor de aftrek van buitengewone lasten. Het loont dus de moeite om in 2001 goed bij te houden hoeveel extra kosten u heeft vanwege uw handicap of ziekte. Ook als u voor het jaar 2000 geen kosten kon aftrekken, omdat u de drempel niet haalde.
Samen of alleen
Gehuwden en geregistreerd partners moeten voor de berekening van hun drempel al hun inkomsten en aftrekposten samenvoegen. Alleenstaanden en mensen die samenwonen moeten hun buitengewone lasten individueel aangeven. Samenwonenden kunnen op dit moment wel kiezen voor een samengevoegde aangifte. Ook deze regeling gaat in het belastingjaar 2001 veranderen. Iedereen die dat wil kan dan individueel aangifte doen van zijn buitengewone lasten.
Deze informatie wordt u aangeboden door de Chronisch zieken en Gehandicapten Raad (CG Raad), in samenwerking met de Algemene Nederlandse Gehandicapten Organisatie (ANGO) en de Vereniging Spierziekten Nederland (VSN). De tekst is met de meeste zorgvuldigheid samengesteld. De genoemde bedragen gelden voor het belastingjaar 2000, waarvoor u aangifte doet in 2001. Aan deze tekst kunnen geen rechten worden ontleend.
Tekst © ANGO/Kees Dijkman
Met dank aan Ruud Betsman (VSN) en Arie Wildeboer (ANGO)
Uw buitengewone lasten
Buitengewone lasten wegens handicap of ziekte zijn onder te verdelen in een aantal hoofdgroepen. Hieronder een overzicht in grote lijnen. Heeft u gedetailleerde vragen, neem dan contact op met uw belangenorganisatie, of met de Belastingdienst.
De Belastingdienst stelt om te beginnen een aantal voorwaarden om buitengewone lasten te kunnen aftrekken.
- De uitgaven moeten rechtstreeks verband houden met handicap of ziekte.
- Kosten die u vergoed krijgt kunt u niet meer opvoeren als buitengewone lasten. Als de kosten niet volledig vergoed worden, kunt u wel de meerkosten die u zelf draagt aftrekken.
- U kunt alleen kosten opvoeren die u gemaakt heeft voor uzelf, uw echtgenoot, (pleeg)kinderen of anderen die tot uw huishouden behoren.
- Als u door uw uitgaven in verband met handicap of ziekte andere kosten bespaart, dan moet u die in mindering brengen van het bedrag dat u wilt aftrekken.
- U moet de kosten altijd op zijn minst aannemelijk maken en vaak zelfs aantonen met schriftelijk bewijsmateriaal. Bewaar dus altijd de betreffende facturen, kassabonnen, kwitanties en bankafschriften.
- U mag alleen kosten opvoeren die u in 2000 betaald hebt. De datum van de rekening doet niet ter zake, de datum van betaling wel.
Premies voor zorgverzekeringen
Niet alleen de premie die u zelf betaalt, ook de premies die voor u betaald worden door uw werkgever of door de uitkeringsinstantie.
- De jaarpremie voor uw zorgverzekering, ziekenfonds of particulier. Zowel het werkgevers- als het werknemersdeel mag u meetellen.
- De nominale premies die uw ziekenfonds rechtstreeks bij u int.
- De jaarpremie voor aanvullende verzekeringen, bijvoorbeeld voor een uitgebreid pakket, een wereldwijde dekking of een tandartsverzekering.
- De kosten van een reisverzekering voor zover het gaat om medische zorg. Bij een gemengde verzekering kunt u 50% van de premie rekenen.
Geneeskundige hulp
Het gaat om de (para)medische kosten die u zelf draagt.
- Alle eigen bijdragen die u betaalt voor (para)medische zorg.
- Medische kosten die niet vergoed worden, bijvoorbeeld behandelingen door de tandarts (ook kronen, bruggen en implantaten), mondhygiënist, fysiotherapeut, enzovoorts.
- De kosten van alternatieve geneeswijzen, maar alleen als de behandeling plaatsvindt op verwijzing en onder begeleiding van een in Nederland erkende arts.
- Kosten voor verpleegkundige hulp. Denk bijvoorbeeld aan de eigen bijdrage die u betaalt voor (wijk)verpleging en ADL-hulp (ziekenverzorging) door de thuiszorg of via een persoonsgebonden budget. Let op! Voor de aftrek van eigen bijdragen voor (gezins)verzorging en huishoudelijke hulp (HDL) geldt een aparte regeling. Kijk hiervoor onder het kopje 'hulp thuis'.
Geneesmiddelen
Het moet vaststaan dat u de farmaceutische hulp nodig heeft vanwege uw handicap of ziekte. Voedingssupplementen en vitaminepreparaten zijn niet aftrekbaar.
- Medicijnen die u zelf betaalt, omdat u een eigen risico heeft bij uw zorgverzekeraar.
- Medicijnen die u zelf betaalt, omdat ze niet zijn opgenomen in het Geneesmiddelen Vergoeding Systeem (GVS).
- Een 'huisapotheek' van ƒ50 per persoon per jaar.
- Verbandmiddelen die u nodig heeft voor uw persoonlijke verzorging (zoals watten en ontsmettingsmiddelen) en die niet vergoed worden door de zorgverzekeraar.
- Homeopathische middelen, op voorschrift van een homeopathisch arts, of van een erkende homeopaat naar wie u door uw eigen arts bent doorverwezen.
Hulpmiddelen
De Belastingdienst hanteert twee regels om te bepalen of iets een hulpmiddel is.
- Hulpmiddelen worden alleen door mensen met een handicap of ziekte gebruikt. Voor anderen hebben ze geen betekenis of waarde. Een gewone wandelstok is dus geen hulpmiddel, een loopkruk wel.
- Hulpmiddelen moeten dienen als compensatie voor een functiebeperking. Dat geldt bijvoorbeeld voor leesloepen, brillenglazen, monturen, contactlenzen en bijbehorende vloeistoffen, gehoorapparaten met batterijen, reparaties, steunzolen, elastische kousen, prothesen, loophulpmiddelen, rolstoelen, laadkosten voor accu's van scootmobielen en elektrische rolstoelen, de kosten voor het verzekeren van hulpmiddelen, enzovoorts.
Veel hulpmiddelen worden vergoed of verstrekt door de zorgverzekeraar of door de gemeente. Helaas gelden er vaak eigen bijdragen en maximale vergoedingen, waardoor u zelf toch nog veel kosten maakt. Die kosten kunt u opvoeren als buitengewone lasten, behalve als het gaat om een eigen betaling omdat u door het gebruik van hulpmiddelen andere kosten bespaart. Ook de kosten voor woningaanpassingen zijn aftrekbaar, maar alleen voor zover die woningaanpassingen er niet toe leiden dat de woning meer waard wordt.
Verblijf in een instelling
De aftrek van kosten voor het verblijf in een instelling is niet eenvoudig. De Belastingdienst hanteert verschillende tabellen, en sommige inspecteurs zijn soepeler dan andere. Vraag zo nodig advies bij uw belangenorganisatie.
- In principe kunt u de eigen bijdrage u betaalt voor het verblijf in een AWBZ instelling, zoals een woonvorm voor gehandicapten, een verpleeghuis of een verzorgingstehuis opvoeren als buitengewone lasten. Maar de Belastingdienst gaat er wel van uit dat u ook kosten van levensonderhoud bespaart door uw verblijf daar. De Belastingdienst hanteert hiervoor inkomensafhankelijke tabellen.
- Verblijft uw kind jonger dan 27 jaar in een instelling of een internaat, dan kunt u bepaalde extra kosten voor dat verblijf opvoeren als buitengewone lasten. Denk bijvoorbeeld aan kosten voor medische behandeling en begeleiding ter plekke, aan reiskosten voor halen en brengen (à ƒ0,35 per kilometer) en de kosten die u maakt om ter plekke een kamer in te richten, extra hobbyspullen te kopen, enzovoorts. Er gelden hierbij ingewikkelde regelingen over de besparingen die u heeft omdat uw kind het grootste deel van de tijd niet thuis woont.
- Weekenduitgaven voor kinderen van 27 jaar en ouder die gedurende weekends in ouderlijke woning verblijven zijn aftrekbaar. Hiervoor geldt een forfaitaire aftrek van ƒ18 per dag dat uw kind thuis is. De dagen waarop u het kind haalt en brengt tellen volledig mee. Ook kunt u de reiskosten voor dat halen en brengen aftrekken à ƒ0,34 per kilometer.
Vervoer
Het gaat hierbij alleen om de extra vervoerskosten die u maakt vanwege uw handicap of ziekte.
- Vervoerskosten voor bezoeken aan artsen of andere behandelaars. Reist u met het openbaar vervoer, dan kunt u de kosten volledig aftrekken. Kunt u vanwege uw handicap of ziekte niet anders dan met uw eigen auto, reken dan ƒ0,60 per kilometer.
- Kosten van ziekenbezoek aan een huisgenoot. Die huisgenoot moet meer dan 10 km verderop verpleegd worden, die verpleging moet langer dan een maand duren en u moet er regelmatig op bezoek gaan. Reist u per openbaar vervoer, dan zijn de kosten volledig aftrekbaar. Reist u per eigen auto, dan geldt een standaardtarief van ƒ0,35 per kilometer.
- Veel mensen met een handicap of ziekte maken extra kosten voor hun gewone, dagelijkse vervoer. Die extra kosten zijn in principe aftrekbaar, volgens een zogenoemde vergelijkingsmaatstaf. De Belastingdienst volgt meestal de uitgebreide tabel van het Nibud. In deze tabel staan de bedragen die gezinnen normaal gesproken uitgeven aan vervoerskosten. Een alleenstaande met een netto inkomen van ƒ2.000 per maand zal bijvoorbeeld per jaar ƒ2.988 uitgeven aan vervoer, een gezin van drie personen met een netto maandinkomen van ƒ4.000 komt op ƒ3.828 aan jaarlijkse ververskosten en een gezin van vier personen met een maandinkomen van ƒ6.000 is daar normaal gesproken ƒ9.300 per jaar aan kwijt. Alleen als u vanwege uw handicap of ziekte aantoonbaar meer uitgeeft dan de bedragen uit de tabel, kunt u die meerkosten aftrekken.
Hulp thuis
Het gaat om extra kosten voor hulp thuis. Denk bijvoorbeeld aan de eigen bijdragen voor (gezins)verzorging en huishoudelijke hulp (HDL) door de thuiszorg of via een persoonsgebonden budget of aan de kosten voor huishoudelijke hulp die u zelf maakt, zonder tussenkomst van de thuiszorg.
De Belastingdienst gaat er van uit dat mensen met een hoger inkomen normaal gesproken voor eigen rekening een poetshulp inhuren. Die kosten blijven dus voor uw eigen rekening. Daarbij geldt in 2001 de volgende tabel:
- Bij een inkomen tot bruto ƒ55.000: geen kosten voor eigen rekening.
- Bij een inkomen van bruto ƒ55.000-80.000: 1% van het inkomen voor eigen rekening.
- Bij een inkomen van bruto ƒ80-110.000: 2% van het inkomen voor eigen rekening.
- Bij een inkomen van bruto ƒ110.000 of meer: 3% van het inkomen voor eigen rekening.
Deze tabel kunt u ook voor het belastingjaar 2000 aanhouden. Kosten zijn alleen aftrekbaar als u ze kunt aantonen met gedagtekende kwitanties, met daarop naam, adres en woonplaats van de hulpen die u heeft ingehuurd.
Dieetkosten
De aftrek van dieetkosten is aan strenge regels gebonden. U kunt alleen de kosten opvoeren zoals die genoemd worden in de tabellen van de Belastingdienst. Die tabellen staan in de brochure 'Buitengewone lasten 2000'. U kunt uitsluitend kosten aftrekken voor diëten in verband met ziekte van het maag-darmkanaal, ziekte van de nieren, coeliakie en M. Düring, cystic fibrosis, ondervoeding en groeiachterstand bij kinderen of koolhydraat- of vetstofwisselingsstoornissen. Het Moermandieet is gedeeltelijk aftrekbaar, maar alleen voor zover u meer dan ƒ4.190 aan kosten heeft.
Kleding en beddengoed
Blijkt "uit algemene kennis of uit eerder aangiften" dat uw handicap of ziekte inderdaad extra kosten voor kleding en beddengoed met zich meebrengt, al is het maar een gulden per jaar, dan mag dan ƒ650 aftrekken, zonder verder bewijsmateriaal. Kunt u schriftelijk aantonen dat u meer dan ƒ1.300 extra kosten heeft gemaakt voor kleding en beddengoed, dan mag u standaard ƒ1.625 aftrekken. Het gaat om bedragen per persoon.
Duurdere verzekeringen
Vanwege uw handicap of ziekte betaalt u in veel gevallen een hogere premie voor particuliere verzekeringen zoals een ongevallenverzekering of een levensverzekering. Zo'n levensverzekering is vaak gekoppeld aan een spaarhypotheek, bij de aanschaf van een eigen huis. Die meerkosten zijn in principe aftrekbaar als buitengewone lasten. Helaas zijn ze soms moeilijk aan te tonen.
Overlijden
Uitvaartkosten in verband met overlijden van familieleden zoals ouders, echtgenoten, partners, kinderen en aangetrouwde kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen. U kunt ook de kosten van een begrafenisverzekering hier opvoeren, maar alleen als die verzekering geen geld uitkeert, maar in natura levert.
Extra aftrek
- Voor elk gezinslid dat meer dan 45% arbeidsongeschikt is en tussen de 18 en 65 jaar oud, mag u ƒ1.532 opvoeren als arbeidsongeschiktheidsaftrek. Dat u arbeidsongeschikt bent, kan blijken uit het feit dat u hiervoor een uitkering ontvangt. Maar u kunt ook een onafhankelijke arts (niet uw huisarts) om een verklaring vragen. Dat is vooral van belang voor mensen die bijvoorbeeld een bijstandsuitkering krijgen, of zelfs helemaal geen uitkering, maar die wel degelijk arbeidsongeschikt zijn.
- Voor elk gezinslid van 65 jaar of ouder mag u ƒ1.532 ouderdomsaftrek opvoeren. Was u maar een deel van het jaar arbeidsongeschikt of 65 jaar, dan geldt een bedrag naar rato.
- Bent u niet (of minder dan 45%) arbeidsongeschikt en nog geen 65 jaar oud en waren uw buitengewone lasten de afgelopen twee jaar desondanks hoger dan de drempel die voor u gold? Oftewel, kon u de afgelopen twee jaar inderdaad buitengewone lasten aftrekken, maar geen gebruik maken van de arbeidsongeschiktheidsaftrek of de ouderdomsaftrek? Dan mag u deze keer toch een extra aftrekpost opvoeren, het chronisch ziekenforfait, ook van ƒ1.532. Daarbij gelden wel een aantal beperkende voorwaarden. U kunt bijvoorbeeld voor gehandicapte kinderen hoogstens één keer de chronisch zieken aftrek opvoeren, ook al heeft u meerdere kinderen met een handicap.
De drempel
U kunt niet alle kosten die u maakt in verband met handicap of ziekte aftrekken voor de belasting. Er geldt een drempel ingevoerd van 12,2 % van het zogenoemde 'onzuivere inkomen'. Alleen als u meer kosten heeft dan deze drempel, mag u die meerkosten aftrekken. Kortom, hoe lager uw inkomen en hoe hoger uw lasten, hoe eerder u in aanmerking komt voor de aftrek van buitengewone lasten.
Om precies uit te rekenen hoe hoog de drempel in uw geval is, kunt u gebruik maken van het onderstaande rekenschema.
Uw onzuivere inkomen
- Noteer het totale bruto gezinsinkomen.
|
|
ƒ |
- Heeft u betaald werk? Vul dan hier uw beroepskosten in. Let op: u mag hier altijd een bedrag invullen, ook als u geen kosten kunt aantonen. Verdiende u meer dan ƒ26.450 bruto, vul dan ƒ3.538 in. Verdiende u minder dan ƒ26.450, vul dan 12% van uw bruto inkomsten in. Is dat bedrag lager dan ƒ258, vul dan toch ƒ258 in. Bent u gehuwd en werkt u allebei, reken dan voor beiden apart de beroepskosten uit en tel die bedragen bij elkaar op.
|
ƒ |
|
- Heeft u (of één van u) uitsluitend een uitkering of pensioen, vul dan hier ƒ1.073 als 'beroepskosten uit vroegere arbeid'.
|
ƒ |
|
- Heeft u een Wajong uitkering? Vul dan hier ƒ2.680 in. Ook als u een gedeeltelijke uitkering heeft en daarnaast betaald werkt! Bent u gehuwd en heeft u allebei een Wajong uitkering? Verdubbel dan het bedrag tot ƒ5.360.
|
ƒ |
|
- Heeft u een eigen huis? Vul dan hier het bedrag in dat u in het jaar 2000 aan hypotheekrente heeft betaald.
|
ƒ |
|
- Trekt u hypotheekrente af? Vul dan hier het bedrag in van de 'huurwaarde eigen woning', het zogenoemde huurwaardeforfait.
|
|
ƒ |
|
+ |
+ |
- Bereken nu de totalen van de beide kolommen.
|
ƒ |
ƒ |
- Breng het totaalbedrag uit de eerste kolom over naar dit vakje in de tweede kolom.
|
|
ƒ |
- Trek de totaalbedragen van elkaar af.
|
|
- |
- Het bedrag dat hier nu staat is uw zogenoemde 'onzuivere inkomen'.
|
|
ƒ |
Uw drempel
Voor alleenstaanden en samenwoners die elk apart aangifte doen:
- Is uw onzuivere inkomen lager dan ƒ12.607, dan is uw drempel ƒ1.538.
- Is uw onzuivere inkomen hoger dan ƒ12.607, maar lager dan ƒ104.852, dan is uw drempel 12,2% van uw onzuivere inkomen.
- Is uw onzuivere inkomen hoger dan ƒ104.852, dan is uw drempel ƒ12.792.
Voor gehuwden, geregistreerd partners en samenwoners die hun belastingaangifte samenvoegen:
- Is uw onzuivere inkomen lager dan ƒ25.214, dan is uw drempel ƒ3.076.
- Is uw onzuivere inkomen hoger dan ƒ25.214, maar lager dan ƒ104.852, dan is uw drempel 12,2% van het onzuivere inkomen.
- Is uw onzuivere inkomen hoger dan ƒ104.852, dan is uw drempel ƒ12.792.
Praktische tips
Heeft u veel verschillende buitengewone lasten, houdt dan een logboek bij van al uw uitgaven vanwege uw handicap of ziekte. Gebruik hier bijvoorbeeld een grote ringband voor. Koop er een paar tabbladen bij, zodat u de ringband overzichtelijk kunt indelen, bijvoorbeeld naar de verschillende kostenposten. Telkens wanneer u geld uitgeeft vanwege uw handicap of ziekte, schrijft u in het kort op waar dat voor was. Verderop in het logboek maakt u een kasboek, waarin al die uitgaven nog eens op een rijtje staan, telkens met een vermelding erbij onder welke uitgavenpost ze vallen. De betreffende bonnen bewaart u in een insteekmapje achterin. Bent u handig met de computer, dan kunt u zo'n logboek met kasboek ook heel goed maken in een spreadsheet programma, zoals Excel.
Probeer uw aangifte zo eenvoudig en overzichtelijk mogelijk te houden. Vul de bedragen netjes binnen de vakjes in. Uw aangifte wordt dan sneller afgehandeld.
Voeg uw specificaties bij op aparte bijlagen, maar schrijf er geen lange verhalen bij. Die lokken alleen maar ongewenste discussies uit.
Maak een kopie van uw aangifte voor eigen gebruik.
Veel mensen redden het niet om voor 1 april aangifte te doen over het voorafgaande belastingjaar. U kunt zonder meer uitstel vragen tot 1 juli. Een eenvoudig briefje van twee regels aan de Belastingdienst is voldoende om dat uitstel te krijgen. Vermeld op dat briefje wel uw naam, adres, sofinummer en geboortedatum!
Ook de Belastingdienst zelf geeft goede, algemene informatie over alles wat met buitengewone lasten te maken heeft. Bel bijvoorbeeld met de Belastingtelefoon 0800-0543 of vraag de gratis brochure 'Buitengewone lasten 2000' op. Die brochure is ook te downloaden van internet via www.belastingdienst.nl. Het advies van de Belastingtelefoon is overigens geheel vrijblijvend. U kunt geen rechten ontlenen aan wat de medewerkers tegen u zeggen.
Als uw aangifte verzorgd wordt door een belastingadviseur, ook als dat een vrijwilliger is van uw belangenorganisatie, geef dan niet zonder overleg met die adviseur antwoord op vragen van de Belastingdienst.
Veel gestelde vragen
Ik heb een lage uitkering. Volgens mij betaal ik nauwelijks belasting. Kan ik dan toch geld terugkrijgen?
Zeker, dat kan. U krijgt elk jaar in februari van uit uitkeringsinstantie een jaaropgave. Daar staat precies op hoeveel loonheffing men voor u betaald heeft. Ook bij een lage uitkering gaat het meestal om duizenden guldens. Bovendien maakt u juist meer kans op belastingaftrek, omdat uw drempel laag is. U hoeft dus niet eens zo heel veel kosten te maken vanwege uw handicap of ziekte om toch voor aftrek in aanmerking te komen.
Heeft het wel nut om zo'n formulier in te vullen? Je krijgt toch bijna niets terug van de Belastingdienst.
- U krijgt inderdaad niet al uw kosten vergoed via de belasting. Het gaat feitelijk om een teruggave van te veel betaalde belasting. Heeft u bijvoorbeeld voor ƒ1.000 aan aftrekbare buitengewone lasten en valt u voor de belasting onder het 37,95% tarief, dan krijgt u ƒ379,50 (afgerond: ƒ380) terug. Dat is natuurlijk wel mooi meegenomen.
Had ik dit maar eerder geweten. Dan had ik vorig jaar en het jaar daarvoor ook buitengewone lasten afgetrokken. Kan dat alsnog?
- Dat kan. Heeft u nog geen aangifte gedaan, dan kunt u alsnog een T-biljet invullen. Heeft u al wel aangifte gedaan, maar niet van uw buitengewone lasten, dan kunt u een verzoekschrift richten aan de Belastingdienst met de vraag om uw belastingaanslag nader vast te stellen. Specificeer in uw verzoekschrift uw totale buitengewone lasten, uw onzuivere inkomen, uw drempel en (als resultaat daarvan) uw aftrekbare buitengewone lasten. Vergeet niet uw naam, adres, sofinummer en geboortedatum te vermelden! U kunt in ieder geval nog belastinggeld terugvragen over de jaren 1999, 1998 en 1997. Over de jaren 1996 en 1995 kan dat alleen als u meer dan ƒ1.000 had kunnen aftrekken.
Ik heb nog nooit een belastingbiljet ingevuld. Mij niet gezien. Straks komen ze nog met allerlei naheffingen!
- Die kans is niet erg groot. Alleen in zeer bijzondere situaties komt de Belastingdienst achteraf met aanslagen. Bijvoorbeeld als u inkomsten heeft gehad waarover geen loonheffing of inkomstenbelasting is afgedragen, of als u een grote nabetaling heeft gekregen van uw uitkeringsinstantie. In dat geval is er overigens vaak wat te regelen met de Belastingdienst, bijvoorbeeld door de inkomsten 'uit te smeren' over meerdere belastingjaren. Neem hierover contact op met uw belangenorganisatie.
Heb ik een speciaal belastingformulier nodig om buitengewone lasten af te trekken?
- Nee. U kunt gebruik maken van het gewone P-biljet van particulieren. Een T-biljet voldoet ook. Alleen op het eenvoudige E-biljet kunt u geen buitengewone lasten opvoeren. Krijgt u zo'n E-biljet toegestuurd door de Belastingdienst, stuur het dan terug en vraag om een P-biljet.
Hoe zit het nou eigenlijk met die Wajong aftrek? Is dat ook een post bij de buitengewone lasten?
- Iedereen met een Wajong uitkering krijgt de zogenoemde 'jonggehandicaptenaftrek'. Dat is een aparte aftrekpost van ƒ2.680, los van de buitengewone lasten. De aftrek geldt altijd volledig, ook als u maar gedeeltelijk arbeidsongeschikt bent, ook als u maar een deel van het jaar Wajong kreeg en ook als u geen buitengewone lasten aftrekt. Het GAK houdt bij het uitbetalen van de Wajong uitkering overigens al rekening met de jonggehandicaptenaftrek. U hoeft voor het jaar 2000 dus geen aangiftebiljet in te vullen om de aftrek te claimen.
|